Sportjournalist Thijs Zonneveld opperde in juli voor het eerst het idee van een berg in Nederland. De afgelopen maanden hebben zo’n honderd professionals in vier brainstormsessies de haalbaarheid van het idee verkend. De deelnemers werken voor gerenommeerde architecten- en ingenieursbureaus, universiteiten, adviesbureaus en onderzoeksinstituten. Vanmiddag presenteerde Stichting Haalbaarheidsonderzoek Die Berg Komt Er! in Almere de eerste conclusies van de brainstormsessies. “Alle betrokkenen hebben voldoende vertrouwen in de haalbaarheid van het project om in 2012 verder te gaan met een professionele projectorganisatie”, aldus Zonneveld. Deze organisatie gaat het project verder uitwerken, de haalbaarheid nader onderzoeken, voor verdere financiering zorgen en zo mogelijk nieuwe partners bij het project betrekken.
Professionele projectorganisatie met USG Innotiv als hoofdsponsor
De stichting presenteerde vanmiddag ook haar hoofdsponsor: USG Innotiv, marktleider in het detacheren van technische projecten. USG Innotiv stelt zich garant voor de kosten van een ervaren projectmanager in 2012 en biedt huisvesting aan. “Onze medewerkers zijn gewend aan uitdagingen op technisch gebied. Het bouwen van deze berg kunnen we gerust een complexe uitdaging noemen”, zegt John Herfkens, algemeen directeur van USG Innotiv. “We zijn er trots op een bijdrage aan de plannen voor de eerste Nederlandse berg te kunnen leveren.”
Belangrijkste taak van de projectmanager is om van de ontwikkeling van de berg een innovatieplatform te maken met duurzaamheid, innovatie en sportiviteit als belangrijkste pijlers. Het platform richt zich meer specifiek op energieproductie, waterproductie, voedselproductie, duurzaamheid, nieuwe bouwtechnieken, innovatieve vervoersystemen, nieuwe financieringsmodellen en de ontwikkeling van sport in Nederland. De afgelopen maanden hebben acht werkgroepen veel werk verricht op verschillende deelterreinen: locatiekeuze, voedselproductie, waterproductie, energieproductie, afvalgebruik, vastgoedexploitatie, vervoer en logistiek en leisure en sport. De eerste conclusies van deze groepen luiden:
Locatiekeuze: in Nederland is waarschijnlijk voldoende ruimte voor een berg met een hoogte van twee kilometer. De berg zorgt waarschijnlijk niet voor nadelige klimaateffecten en is tegelijkertijd een impuls voor de regionale en nationale economie. Ook geeft de berg een impuls aan de Nederlandse infrastructuur en brengt de berg nieuwe technieken tot ontwikkeling.
Voedselproductie: in de berg is veel ruimte (circa 1100 hectare) voor extreem efficiënte voedselproductie zodat er lokaal en duurzaam kan worden geproduceerd en er minder voedsel uit verre landen geïmporteerd hoeft te worden. De investering per hectare wegen op tegen de opbrengsten.
Waterproductie: de berg bevat een zelfvoorzienend watersysteem, mogelijk zelfs een ‘zoetwaterfabriek’ die problemen rond droogte en verzilting helpt tegen te gaan. Dit watersysteem is niet alleen een uitgekiende verbinding tussen de energie- en voedselproductie van de berg, maar levert bijvoorbeeld ook kunstsneeuw op hoogte. Bovendien kunnen in de berg grote reservoirs worden gebouwd die als water- en energiebuffer functioneren.
Energieproductie: het is mogelijk de berg te voorzien van volledig duurzame en ter plekke geproduceerde energie, ongeacht welke functies er in worden ondergebracht. De berg biedt mogelijkheden om met – voor Nederland nieuwe systemen zoals waterkracht – een gebied ter grootte van de agglomeratie Amsterdam van 100% groene stroom te voorzien.
Afvalgebruik: voor de bouw van de berg kunnen afvalstoffen worden gebruikt zoals bodemas, vliegas, puingranulaat en gereinigde grond. Het afval dat op de berg zelf wordt geproduceerd, wordt ingezet voor energieproductie.
Vastgoedexploitatie: op, in en rond de berg kunnen grote vastgoedprojecten worden ontwikkeld waarmee een gefaseerde bouw deels kan worden gefinancierd.
Vervoer & logistiek: per jaar bezoeken naar verwachting 15 tot 20 miljoen mensen de berg. Om de bereikbaarheid van de berg te garanderen, moet er in het bestaande Nederlandse vervoersysteem een geïntegreerde oplossing komen.
Leisure & sport: de berg kan drager worden van de Olympische Spelen in Nederland in 2028 en een icoon voor sport en recreatie in Nederland. De sportmogelijkheden zijn namelijk oneindig. Naast alle wintersporten en stadionsporten kan er een kilometerslange schaats- en hardlooproute worden aangelegd. Wordt er een locatie in zee gekozen dan kan er een haven aan de voet van de berg worden gebouwd.
“Met veel energie verder”
“Op basis van deze bevindingen concluderen we dat er – binnen behoorlijke marges wat betreft omvang en hoogte van de berg – veel mogelijkheden zijn voor de uitwerking van deelplannen en de onderlinge afstemming van die plannen. We gaan dan ook met veel energie verder”, zegt Zonneveld van Stichting Haalbaarheidsonderzoek Die Berg Komt Er!. Samen met Ben Rogmans, directeur van Dagblad De Pers, en Ulf Doornbos, oud-directeur van de Optiebeurs vormt Zonneveld het bestuur van de stichting. Ka-Lung To is aangesteld als projectdirecteur.
De stichting geeft 20.000 certificaten van €50 uit voor ‘een stukje berg’. Certificaathouders kunnen zo het initiatief ondersteunen. Als de berg er echt komt, dan wordt het certificaat omgezet in een aandeel met 25 procent bonus. Ook is er een overeenkomst gesloten met Wielerland.nl voor de organisatie van enkele wielertochten in 2012. Op www.diebergkomter.nl is een webshop ingericht waarin naast de certificaten ook speciale wielershirts besteld kunnen worden.